Uitgelaten was overdreven, maar door de telefoon klonk ze wel degelijk opgelucht. Omdat het eindelijk achter de rug was. Ze had er maanden tegenop gezien. Een nieuwe heup lijkt tegenwoordig een even-tussen-door-operatie, maar mijn moeder (eindje in de 70) stond niet te trappelen toen dit haar enige uitweg bleek. Gaan zitten of staan deed zeer. Een nieuwe heup bood soelaas.

  Vorige week was ze aan de beurt. In de dagen daarvoor belde ik regelmatig om te vragen hoe ze zich voelde. Ik deed mijn best om op afstand wat te betekenen. Ik toonde begrip voor haar vrees en waakte ervoor om die angst aan te wakkeren. Geen grappen dus dat ze met een merkstift de juiste heup aan moest kruisen. Een foutje is snel gemaakt.

  In mijn ondersteuning was ik beperkt in mijn communicatiemiddelen. Zonder mijn moeder weg te zetten als    digibeet, appen of facetimen zat er niet in. Jarenlang verzette ze zich tegen alles waar een muis of toetsenbord aan vastzat. ‘Dat is voor je vader’, zei ze steevast. Die moest op vakantie de sms-jes sturen. Wat hij overigens deed in een uitgekookte afkortingstaal, om binnen de marges van één sms te blijven. Vodafone hoeft voor de winstcijfers niet te rekenen op vader Bosch. 

  Dus rond de operatie kon ik geen olijke emotijo’s sturen of opbeurende You-Tube-filmpjes. Vol verbazing staarde ik, op de avond voor ze weer naar huis mocht, daarom naar mijn inbox. Alles ging goed, mailde ze vanaf de iPad. ‘Ja, ze heeft de iPad en het mobieltje mee, je kunt haar sms’en,’ vertelde mijn vader doodgemoedereerd. Ineens hoopte ik op een Skype-oproep van mijn moeder, of wens ik nu te veel. 

  Van de weeromstuit, stuurde ik een beterschapskaartje per post en bestelde ik telefonisch welkomthuisbloemen bij Fleurop. Ze bedankte me per iPad.