IMG 4117Het gewone leven gaat ook door als je wacht. Zo moeten er gewoon cadeautjes gekocht worden. Mijn Lief had een dag vrij dus wij togen naar de stad om de verlanglijstjes van onze kinderen af te werken. We zijn als gezin sinds de zomer niet meer samen in ons huis geweest.

Sinterklaas is dus een ideaal moment om bijeen te komen. Maar dan wel met pakjes en gedichten. We lopen door onze stad. Ik hanteer mijn wandelstok. Ik ga traag en voel hoe mijn lief zich inhoudt. Zodra ik in een winkel een stoel zie neem ik plaats en wacht. Ik kijk naar de decemberversieringen, speur naar foute pieten of kromme rijmpjes. Dan gaan we weer verder.

In de boekenwinkel slaan we goed toe. Het meisje bij de kassa geeft ons een pen om op elk pakje de juiste naam te zetten. Tevreden lopen we over de Vismarkt, hobbelige kasseien, ik let op mijn afwikkeling van mijn voeten zoals de fysio mij dat heeft geleerd. ‘Aandacht erbij,’ zeg ik ineens. Mijn Lief snapt het. Ze houdt mijn hand vast. Ze heeft altijd haar aandacht erbij. Nu ook. We drinken koffie in De Beurs. We krijgen een appje van onze zoon en begrijpen het derde item op zijn verlanglijstje. ‘Blijf jij nog even zitten, dan loop ik terug naar de Oude Kijk in ‘t Jat-straat om die dingen voor hem te kopen.’ Als ze weg is kijk ik of ik mail heb gekregen. Tussen de berichtjes geen notificatie van de ziekenboeg-app. Dat betekent dat ik ook vandaag geen post hoeft te verwachten.

We rijden even later de oprit op. De postbus is inderdaad leeg. ‘Ik zal wel even bellen, is dat goed?’ vraagt ze.

Ik luister hoe mijn lief telefoneert. Met haar kenmerkende rustige toon stelt ze haar vragen. Of eigenlijk mijn vragen. Of nog beter: mijn vraag: Wanneer? Zelden verliest zij haar beheerste toon. Als het gebeurt herken ik het aan haar ademhaling. Ze ademt dan sneller in en uit. Spreekt sneller en haar toon gaat omhoog. ‘Mijn man wacht nu al anderhalf jaar, en u kunt zich toch wel voorstellen dat...’ Vaag hoor ik de medewerker van het ziekenhuis een antwoord formuleren.