Twee dagen na het ontgipsen volgde het eerste finetune-moment. Op de ochtend van mijn eenenvijftigste verjaardag werd op mijn borst het contactpunt van de DBS geplakt. Ik vertelde wat in de paar passen van de wachtkamer naar de spreekkamer, al zichtbaar was,

dat de dystonie in alle heftigheid was teruggekeerd, of misschien wel nooit was weggeweest. Op mijn mobiel stond een filmpje van een dag eerder. De scene toont een man in een groene winterjas, hij waggelt over het trottoir, de linkervoet met de punt naar binnen gedraaid, het been gekromd, de arm gedraaid zodat de hand naar buiten toe staat, een hond aan een rode lijn dribbelt in beeld. De video was niet nodig om aan te tonen dat de DBS nog niet optimaal werkte.

‘We gaan proberen er wat bij op te krijgen. Zeg het maar als je iets geks voelt.’ Ik concentreerde me en voelde niets. Was het apparaat kapot? En toen ging er een tinteling door mijn arm. Kort maar merkbaar. Mijn arm werd gecheckt. ‘Hij voelt losser,’ merkte ik op. Ik maakte de tap-gebaren met mijn handen, alsof ik de mondjes van handpoppen bediende. De arm functioneerde goed. De laatste dagen was de stijfheid en traagheid weer teruggekeerd in het bovenlijf. Tijdens het eten helde ik steeds meer en verder naar links in mijn stoel en met elke hap nam de soepelheid in de arm en hand af.

Ik deed een paar passen in de spreekkamer. De tenen wezen in de looprichting, ik wankelde niet. Manmoedig stapte ik terug. ‘Het voelt goed, en geen onbeheersbaar gelach, dat is fijn,’ zei ik. Maar ik merkte dat ik niet vlekkeloos uit mijn woorden kwam. Ik lispeltuutte. Woorden rolden niet automatisch uit mijn mond, ze bleven kleven aan mijn lippen en mijn zinnen kwamen klem te zitten tussen tong en verhemelte. Ik leek met de gevolgen van een beroerte te kampen. Ik wist dat dit een bij-effect was van de DBS, ongestraft in de hersenen opereren laat het brein niet toe, ik wist dat het tijdelijk was maar voelde me er niet geheel prettig onder. Nu ik eraan terug denk, zou ik, als ik uit die twee kwaden moest kiezen, dystonie of spraak, voor spraak gaan. Bewegen kan ook sprakeloos gaan.