bier

 ‘Ja, zo wordt het helemaal niet te volgen,’ hoorde ik de man achter me zuchten. De donkere bioscoopzaal vulde zich met dialogen vol Aziatische klanken. Was het Chinees? Of Japans? Of toch Koreaans, of moet je zeggen Zuid-Koreaans? In ieder geval stopten de ondertitels er mee. Die waren ook al in het Engels, dus je moest snel lezen, vertalen en gokken op de juiste vertaling. In de volgende scène werkte de ondertiteling weer. De dialoog van de Zuid-Koreaanse hoofdpersoon met zijn tolk werd wel in het Engels weergegeven, maar het gesprek met zijn Japanse gastheer dat liep via de tolk niet. 

Het was Filmfestival in de stad. Dus ga je naar een Zuid-Koreaanse film, al had het ook een kunnen zijn uit Bulgarije of Costa Rica, daar worden ook fijne films gemaakt tegenwoordig. 

We hadden geen passe-partout. De bekenden die we troffen in de filmzaal wel. Ietwat meewarig keken ze ons aan. Zij hadden er al twee meesterwerken opzitten en mochten nog een uur of zes in de bioscoop doorbrengen. Wij kochten vlak voor aanvang een enkel kaartje, gewoon bij de kassa. Het boekje dat het hele programma in beeld bracht, met in het midden het blokkenschema om een perfecte persoonlijke selectie te maken, lag ongeopend en ongelezen op de stapel kranten op de eettafel. Slecht voorbereid stortten wij ons in dit culturele avontuur.

De Zuid-Koreaans film versprong halverwege van zwart-wit naar kleur, heel kunstig op het moment dat de hoofdpersoon in close-up een sigaret wil aansteken, hoorde je zijn aansteker klikken en vervolgens schrok je op van een ontploffing, een luide knal, waarop de camera wegdraaide en aan de nachtelijke hemel vuurwerk in schitterende kleuren uiteenspatte. 

En toen ging de film weer verder.

Er werd veel gegeten in de film. Japanners en Zuid-Koreanen doen dat slurpend en smakkend. En ze groeten elkaar hoffelijk, met kleine buiginkjes en met handgebaren. Elkaar helpen is niet zomaar toegestaan. Zowel het groeten als het eten, voelde ongemakkelijk.

Buiten vroor het. Tijdens onze film was er een laagje ijs op onze fietszadels ontstaan. Het kraakte zachtjes, in de eerste meters op weg naar een café met bier.